Home Inloggen Winkel Contact
 
Zoekbox
     
 
Zoekbox
Topmenu
Topmenu Home Topmenu Winkel Topmenu Links Topmenu Preken Topmenu Kerken Topmenu Overdenkingen Topmenu Agenda Topmenu Contact Topmenu
Topmenu

Afdelingen 1. Algemeen 2. Kennis Bassin 3. Kinderen 4. Meeting People 5. Muziek 6. Pastoraat 7. Winkel Bron toevoegen Beheer Informatie Diversen
Aangepast zoeken
 

Wambo en koning Middelmaat (2 Koningen 13: 14-19)
Preek afkomstig van Ds. D. de Jong van de Gereformeerde Kerk Vrijgemaakt te Niezijl/Grijpskerk.

       

Liturgie

Ps.89:8,14,16,17
2Kon.13,10-25
Ps.21:1,4,6,7
(2Kon.13,14-19)
Lied 90:1,2,3
Lied 90:9,10,11 (na apostolische geloofsbelijdenis)
Ps.3:1,3 (C)

Preek

Gemeente van Jezus Christus,

?Toen de mannen van Kitoe er niet in slaagden, Wambo weer te pakken te krijgen, pasten ze bow?z, toverij, toe om hem toch nog in het verderf te storten. De dorpstovenaar nam een pijl en bond die met een meters lange liaan aan zijn boog vast. Daarna stopte hij een stuk bast van een zeldzame boom in zijn mond en ging daarop kauwen, tot hij een mond vol roodbruin sap had gekregen. Hij slikte dit sap door, schoot gelijktijdig de pijl af en sprak de woorden: ?Mettiebin, (dat was de naam van de pijl), tref Wambo!? De pijl viel enkele meters verder machteloos neer, maar heel het dorp juichte, want de mensen van Kitoe geloofden vast, dat Wambo nu heel spoedig zou sterven?.

Een passage uit één van mijn favoriete jeugdboeken, de Wambo-serie van Piet Prins. Ik moest er meteen aan denken toen ik me over onze tekst boog. In beide verhalen gaat het over een pijl die symbolisch wordt afgeschoten op een onzichtbare vijand. En zoals de mensen van het koppensnellersdorp Kitoe vast geloofden dat dit Wambo?s dood zou betekenen, zo riep de profeet Elisa het uit op zijn sterfbed: Een pijl der overwinning van de HERE, ja, een pijl der overwinning op Aram?. Het is dat dit verhaal in de Bijbel staat, anders zou je toch zeggen dat het een typisch voorbeeld was van heidense magie. Mij schoot meteen het voorbeeld van Wambo, die vervloekt werd met de pijl Mettiebin te binnen, maar je zou ook kunnen denken aan Voodoo. U weet wel, als je iemand kwaad wilt doen, dan maak je een klein poppetje van hem, prikt er met een naald in en op hetzelfde moment voelt diegene juist op die plek een stekende pijn. Hoe je er ook over denkt ? de één zal het allemaal maar flauwekul vinden, de ander zal het als duivelswerk toch wel serieus nemen ?, dat een profeet des Heren zich van dit soort praktijken bedient, dat verbaast ons wel een beetje.

Ik wil u er dan wel aan herinneren dat ook wij onze rituelen hebben. Het zijn er maar twee: doop en avondmaal. Maar toch? Of is dat heel wat anders? De sacramenten zijn toch geen tovermiddelen? Dat hebben de Roomsen er van gemaakt. Die maakten van de bediening van de sacramenten een soort magische handelingen. Brood en wijn, dat zijn maar geen tekenen van de verzoening, maar de verzoening zelf. Omdat het brood en de wijn onder de handen van de priester veranderd zijn in Christus? echte lichaam en bloed. Maar wij zeggen: Brood blijft gewoon brood. Als er van de viering van het avondmaal nog een paar stukjes brood overblijven mag je die zonder gewetensbezwaren aan de eendjes of de kippen voeren. En als de avondmaalsbeker bij de viering niet helemaal leeggedronken is, dan mag je de wijn die over is gewoon door de gootsteen spoelen.

Doet dat avondmaal dan wel wat? Werkt het wel? Heeft het wel effect? Gaat er wel kracht vanuit, waardoor er iets verandert, bij jezelf of in de gemeente? Dat zou toch wel moeten. Want zoals het avondmaalsformulier dat we vanmorgen gebruikt hebben / één van de nieuwe avondmaalsformulieren zegt: ?Wij mogen weten dat Christus in ons werkt alles wat Hij ons door deze tekenen voor ogen stelt?. Wat dat is wordt in het klassieke avondmaalsformulier[, dat we vanmorgen nog gebruikt hebben,] uitvoeriger onder woorden gebracht. Voorafgaand aan de viering bidden we: ?Laat () onze bezwaarde en verslagen harten met zijn lichaam en bloed, ja met Hemzelf, echt God en mens gevoed worden. Onderhoud ons zo door uw Heilige Geest met het ware brood uit de hemel. Geef daardoor ook dat wij niet meer in onze zonden leven, maar Hij in ons en wij in Hem? Het formulier sluit de viering af met de bede: ?Wij bidden U, trouwe God en Vader, dat door de werking van uw Heilige Geest de vrucht van deze avondmaalviering mag zijn, dat wij dagelijks toenemen in het ware geloof en in de gemeenschap met Christus?.

Herkent u dat, broeders en zusters? Bent u toegenomen in de gemeenschap met Christus? Is uw band met uw Heiland weer intiemer geworden? Woont Hij met zijn Geest net zo zeker in uw ziel als het brood is opgenomen in uw lichaam? Ja, hebt u het gevoel dat Christus en u onafscheidelijk zijn, dat de grenzen tussen Hem en u vloeiend zijn? Zo spreekt het gebed voor de avondmaalsviering toch van de gemeenschap met Christus: Hij in ons en wij in Hem. Dat is je reinste mystiek, waarbij gemeenschap een in elkaar opgaan, een elkaar wederzijds doordringen, een van elkaar genieten betekent. Hij in mij en ik in Hem, het zijn woorden die een bijna seksuele lading hebben. Zo intiem wil Christus dus met ons worden door het avondmaal. Hij wil ons leven doortrekken, zoals een stukje gist een heel deeg doet rijzen.

Als dat waar zou zijn, dan bestaat het niet dat wij hier vanmiddag in de kerk gekomen zijn als onveranderde mensen (vgl. 1Kor.3,3.4). Als je echt de band met Christus ervaren hebt, dan ben je toch geraakt tot in het diepst van je bestaan? Dan zeg je na wat de apostel Paulus ergens v??rzegt: ?Met Christus ben ik gekruisigd, en toch leef ik, (dat is), niet meer mijn ik, maar Christus leeft in mij? (Gal.2,20). En als Christus iemand is om ?ik? tegen te zeggen, dan denk je ook niet langer eerst aan ikke-ikke-ikke, en dan pas aan je naaste. Je hele uitstraling verandert dus. En als dat geldt voor ieder die met waar geloof het avondmaal gevierd heeft, dan verandert dus de uitstraling van onze hele gemeente.

Waarom is dat nu niet zo, broeders en zusters? Waarom doet de viering van het avondmaal ons zo weinig? Waarom hebben veel mensen helemaal niet het gevoel dat in brood en wijn Christus zelf tot hen komt? Waarom heeft het avondmaal niet de uitwerking die je ervan mag verwachten? Of wringt misschien daar de schoen? Verwachten wij gewoon niet zoveel van de viering van het heilig avondmaal en heeft het daarom zo weinig uitwerking? Gehoorzamen wij wel aan het bevel van Christus: ?Doe dit tot mijn gedachtenis? zoals koning Joas van Israël gehoorzaamde aan het bevel: ?Schiet?, maar verwachten wij van de viering net zo weinig als koning Joas van Israël verwachtte van die pijl des HEREN, die pijl der overwinning op Aram? Hij voerde wel het ritueel uit, maar verwachtte er geen heil van. Toen hij in de praktijk moest laten zien dat hij ook geloofde in wat hij net gedaan had, toen liet hij het afweten.

De profeet Elisa lag op zijn sterfbed. Wat had hij zijn ambt lang vervuld. Hij was door de profeet Elia aangezocht als zijn opvolger, toen koning Achab nog aan de macht was (1Kon.19,19). Inmiddels waren we al vijf koningen verder. Wie zijn rijtjes van de koningen van Israël nog kent, kan het op zijn vingers natellen: Achab, Ahazia, Joram, Jehu, Joahaz, Joas. Gedurende zijn lange loopbaan als profeet had Elisa zich ontpopt tot militaire factor van betekenis. Hij was maar geen wereldvreemde predikheer, maar hij benoemde in binnen- en buitenland mannen tot koning (vgl. 8,13; 9,3). Eens had hij zelfs het hele Aramese leger als een soort rattenvanger van Hamelen binnen de muren van Samaria gebracht, waar ze als ratten in de val zaten (6,8-23). Billy Graham, vertrouwensman van menig Amerikaans president, is er niks bij. Het hoeft dus niet te verbazen dat de koning van Israël het sterfbed van de profeet bezocht.

Ook wat hij uitroept hoeft ons niet vreemd in de oren te klinken: ?Mijn vader, mijn vader! Wagens en ruiters van Israël?. Want Elisa was voor Israël van groter betekenis geweest dan een leger van wagens en ruiters. Nu had Elisa precies dezelfde woorden gebruikt toen hij zijn voorganger, de profeet Elia, ten hemel zag varen: ?Mijn vader, mijn vader! Wagens en ruiters van Israël!? Er zijn dan ook uitleggers die concluderen dat dat inmiddels een soort algemeen bekend spreekwoord geworden was. Er is zelfs een uitlegger die koning Joas vergelijkt met een ouderling die met een bijbeltekst wappert en denkt: ?Dat heb ik weer mooi gezegd?. Nu, dat lijkt mij wel erg negatief. Elisa was voor Israël immers ook van groter betekenis geweest dan een leger van wagens en ruiters. Die woorden waren dus niet misplaatst. Bovendien was zijn verdriet oprecht. Hij kwam tot Elisa en weende over hem. U mag dat letterlijk nemen: ?Hij kwam tot hem?, dat wil zeggen: Hij ging aan Elisa?s sterfbed staan, ?en weende ?ver hem?, dat wil zeggen: hij boog zich over Elisa heen en liet zijn tranen ?ver het gelaat van de profeet stromen. Elisa was voor hem als een vader geworden, en de koning van Israël voelde zich als een klein kind dat niet meer weet hoe het verder moet als vader er niet meer is. Hij is de wanhoop nabij: ?Mijn vader, mijn vader! Wagens en ruiters van Israël!?

We krijgen bijna de indruk dat de profeet Elisa Joas? relatie met God was. Hij had niet zelf een band met God, Elisa was die band. Nu Elisa hem ontviel, ontviel hem ook het contact met God. Hij kwam nu persoonlijk voor Gods aangezicht te staan, zonder een middelaar achter wie hij zich kon verschuilen. Dat vliegt hem aan. Hij ziet de toekomst somber in. Hoe moest het verder, als hij er niet van op aan kon of de Here wel aan zijn zijde stond?

Toen zei Elisa tot hem: ?Haal pijl en boog?. Toen de koning dat gedaan had, zei de profeet tot hem: ?Leg uw hand aan de boog?. En hij deed alzo. Toen gebeurde er iets bijzonders. Vanaf zijn sterfbed legde de oude profeet zijn hand op de hand van de koning, waarmee hij de boog in de aanslag hield. Zo zegende Elisa Joas. De koning mocht weten dat de Here met hem zou zijn in zijn strijd tegen de vijanden rondom. God zou bij hem blijven, ook nadat Elisa hem ontvallen was.

Maar het ritueel is nog niet afgelopen. Om de koning nog duidelijker te doen verstaan wat hij hem net gedaan had, zei Elisa tot hem: ?Open het venster naar het oosten en schiet?. En de koning opende het venster, legde een pijl op de boog, spande de pees en liet los. En de pijl snorde door het raam en viel een paar honderd meter verder machteloos ter aarde. Maar de profeet riep uit: Een pijl der overwinning van de HERE, ja, een pijl der overwinning op Aram. Gij zult Aram tot vernietiging toe verslaan?. De profeet zag het blijkbaar al voor zich: hoe koning Joas zelf de wagens en de ruiters van Israël voorging in de strijd en zijn volk definitief bevrijdde van de Aramese benden.

Zag koning Joas dat ook al voor zich? Hoe zou hij zich gevoeld hebben, terwijl hij de bevelen van de profeet gehoorzaamde en dat ritueel met die pijl en die boog uitvoerde? Zou het bij elke handeling enthousiaster geworden zijn? Eerst die boog halen, dan de boog in de aanslag houden, dan het raam openen, om tenslotte te schieten en inwendig met de profeet mee te juichen: Een pijl der overwinning van de HERE, ja een pijl der overwinning op Aram?? Of zou hij zich inwendig doodschamen? Zou hij zich een beetje een sukkel voelen? Zou hij denken: ?Dat ik me laat lenen voor dit soort kinderachtig gedoe?. Zat hij ondertussen al te broeden op de uitleg die hij zijn adjudant straks zou geven? Die buiten op hem wachtte, die hem pijl en boog had aangereikt en even later een pijl over zijn hoofd zag komen en in de bosjes verdwijnen?

Om erachter te komen wat er leefde in het hart van de koning gaf de profeet hem nog een bevel: ?Neem de pijlen?. Toen de koning ze genomen had, zei de profeet tot hem: ?Sla ermee op de grond?. Wat zou de koning nu doen? Zou hij vol vuur op grond slaan, omdat hij zo zeker van de overwinning was, dat hij de strijd nu al wilde aangaan? ?J???, pijlen der overwinning van de HERE, j???, pijlen ter vernietiging van Aram!!!?? Maar hij sloeg drie keer op de grond en hield toen op. Je merkt uit de beschrijving dat er bij Joas geen vuur inzit. Hij doet wat hem wordt opgedragen, maar meer ook niet. Hij slaat drie keer op de grond en vindt het dan mooi zat. Je ziet hem omkijken naar de profeet: ?Zo goed??

Nee dus. Want de man Gods ontstak in woede. Hij bleef erin. Hij kon nog net uitbrengen: Gij had vijf keer, zes keer moeten slaan, dan had gij Aram verslagen tot vernietiging toe. Maar nu zult gij Aram slechts drie keer verslaan?. Daarna stierf Elisa en men begroef hem.

Toch denk ik dat wij ons best kunnen voorstellen dat koning Joas innerlijk enigszins gereserveerd tegenover de bevelen van Elisa stond. Je ziet jezelf al op je knieën liggen en als een idioot met een bundel pijlen op de grond slaan. Dan sta je toch compleet voor paal?

Had u dat gevoel ook toen u vanmorgen een stukje brood van de schaal en een slokje wijn in de beker nam? Want goed beschouwd is dat een nog veel extremer ritueel. Het brood staat immers voor Jezus? vlees en de wijn voor Jezus? bloed. Want Jezus zelf heeft gezegd: ?Wie mijn vlees eet en mijn bloed drinkt, heeft eeuwig leven en Ik zal hem opwekken ten jongsten dage. Want mijn vlees is ware spijs en mijn bloed is ware drank. Wie mijn vlees eet en mijn bloed drinkt, blijft in Mij en Ik in hem? (Joh.6,54-56). Niet voor niets keerden de scharen zich van Hem af, toen ze deze woorden hoorden. ?Zijn vlees eten en zijn bloed drinken? Bekijk het even zeg. We zijn geen kannibalen!? Eeuwen later deed nog het gerucht de ronde dat christenen tijdens hun bijeenkomsten kinderen slachtten en hun bloed dronken. Weerzinwekkend gewoon!

Tenzij je weet waar die weerzinwekkende tekenen voor staan. Ze zijn een teken van Gods liefde voor ons. God, die zoveel van ons hield dat Hij zijn eniggeboren Zoon overgaf aan de dood aan het kruis, om ons vrij te kopen uit de macht van zonde en dood. Zo wil Hij ons de zekerheid geven, dat we het nooit zo bont kunnen maken dat God ons niet meer als zijn kinderen aan wil nemen. De weg terug naar God staat altijd open. Hij is altijd bereikbaar voor ons en wij zijn altijd bereikbaar voor Hem. Daar kan niks tussenkomen. Zelfs de dood kan geen einde maken aan de band die er tussen God en ons mag bestaan. Ja, we mogen geloven dat door de dood de band tussen God en ons alleen nog maar steviger wordt. Zo maakt God zelfs van onze grootste vijand een vriend. Als we dat weten, kunnen we ?lke moeiten die we op onze weg tegenkomen aan. Als we maar blijven zien op Jezus, de verhoogde slang (Joh.3,14.15), die ons geneest van de beten van de oude slang (Opb.12,9, 20,2). Op Hem moeten we ons blijven ori?nteren en daarom krijgen we bij het avondmaal het kompas uitgereikt. Als we daarop blijven kijken, dan kunnen we gerust op weg gaan. Langs hoe kronkelige wegen en door hoe diepe dalen we ook moeten gaan, we komen veilig aan.

Als het avondmaal ons die zekerheid wil geven, leef dan ook vanuit die zekerheid. Neem geen voorbeeld aan koning Joas. God had hem met het teken en zegen van pijl en boog de volkomen overwinning beloofd, maar in de praktijk durfde hij zich aan die belofte niet over te geven. Daarom is hij ook de boeken in gegaan als een middelmatig koning, die drie middelmatige overwinningen boekte, vanwege zijn middelmatige geloof. Een commentaar die ik bij de voorbereiding van deze preek geraadpleegd heb zegt: ?Zelfs de rijkste profetische toezegging kan door laksheid en kleingeloof van zijn kracht beroofd worden?. Dat gaat wel erg ver. Kunnen wij met onze laksheid en ons kleingeloof Gods beloften van hun kracht beroven? Gods beloften blijven toch levend en krachtig, ook als wij laks en kleingelovig zijn? Zeker. Maar we ervaren dan niet dat ze levend en krachtig zijn. Dat geldt zelfs van de rijkste belofte die je je maar voor kunt stellen: dat de Here Jezus zijn leven ook voor u, ook voor jou gegeven heeft. Een belofte, zo ongelooflijk, dat God er een zichtbaar teken en zegel bij gaf om het ons het verstand te peuteren en op ons hart te binden.

Mijn broeder, mijn zuster, neem die belofte dan in geloof aan, ga de toekomst met vertrouwen tegemoet, laat je niet door de eerste de beste tegenslag uit het veld slaan, maar leef dag aan dag van de genade die in het avondmaal naar u toekomt, in goede en kwade dagen, in gezondheid en ziekte, in rijkdom en armoede, totdat Christus terugkomt of de dood ons met God verenigt.

Onze tekst laat zien hoe belangrijk het is om ook in de praktijk met Gods beloften te leven. Want omdat Joas maar een middelmatig geloof had, boekte hij ook maar drie middelmatige overwinningen. Had hij vijf keer, zes keer op de grond geslagen, dan had hij Aram voorgoed kunnen verslaan. Maar nu zou Israël op termijn toch weer last met de Aramee?rs krijgen. Ze zouden toch weer terugkomen.

Wie veel van God verwacht zal ook veel van Hem ontvangen. Maar wie weinig van God verwacht zal ook weinig van Hem ontvangen. ?Dus als een christen niet geneest van zijn ziekte, dan komt dat van zijn kleingeloof?? Dat zeg ik niet. Er zijn ook mensen die van harte geloven dat de Here hen beter kan maken, die Hem daar om smeken, maar de Here beschikt toch anders. Dan mag je de zekerheid hebben, die je in het avondmaal betekend en verzegeld wordt, dat God je toch genadig en nabij is en zal zijn. Zijn nabijheid blijkt dan niet in genezing, maar in vertrouwen en volharding. Maar er zijn ook mensen die in theorie wel geloven dat God mensen beter kan maken, maar niet in de praktijk, voor zichzelf of voor anderen. Die Gods almacht wel met de mond belijden, maar niet met het hart geloven. Mensen van wie Jakobus, de broeder des Heren, schrijft: Gij ontvangt niet, omdat gij niet bidt. Of, gij bidt wel, maar gij ontvangt niet, omdat gij verkeerd bidt? (Jak.4,3). Dezelfde Jakobus schrijft dat het gebed van een rechtvaardige veel vermag, omdat er kracht aan verleend wordt (5,17b). Daarom durf ik wel te zeggen dat als wij Gods liefde voor ons, zoals die in het avondmaal onderstreept wordt, serieuzer zouden nemen, we veel meer van die liefde zouden ervaren en veel meer van die liefde zouden uitstralen, niet alleen persoonlijk, maar ook als gemeente en ook als kerken.

Nu wist de apostel Paulus al dat op het vaste fundament van Jezus Christus heel verschillende bouwwerken kunnen verrijzen. De één bouwt een gouden, de ander een strooien huis. En dan zegt Hij: het vuur van de jongste dag zal uitmaken wat de kwaliteit van ieders bouwwerk is. Als je bouwwerk overeind blijft, zul je loon ontvangen, maar als het afbrandt, zul je de schade moeten dragen. Zelf zul je echter, als je toch geprobeerd hebt te bouwen op Jezus Christus, gered worden, als het ware door het vuur heen (1Kor.3,14.15 naar GNB). Dat is een bemoediging, maar tevens een aansporing. Want al is er voor ieder die in Jezus Christus geloofd heeft redding, niet ieder ontvangt dezelfde heerlijkheid. Jezus zelf leert ons in de gelijkenis van de ponden, dat wie op één pond tien ponden winst gemaakt heeft, het gezag over tien steden zal ontvangen. En wie vijf ponden winst gemaakt heeft over vijf steden gesteld zal worden. Aan een ieder die heeft, zal gegeven worden, en hem, die niet heeft, zal ontnomen worden, ook wat hij heeft (Lc.19,11-26).

Broeders en zusters, ga dan voor de hoogste eer. Uw eigen eer? Nee, Gods eer. Ga Hem steeds meer vertrouwen, om Jezus? wil. Vertrouw je steeds mee aan Hem toe, om Jezus? wil. Verwacht het goede steeds meer alleen van Hem, om Jezus? wil. Doe het goede steeds meer alleen voor Hem, om Jezus? wil. Dan ga je voor goud. Om Jezus? wil.

Amen.

Kopieerrechten: © copyright Kerken.com, 2002 - 2010.
Niets uit deze uitgave mag gepubliceerd of vermenigvuldigd of openbaar gemaakt worden in welke vorm dan ook, zonder de voorafgaande schriftelijke toestemming van de webmaster van Kerken.com en de bijdragende predikant. Voor vermenigvuldiging ter voorbereiding van, en openbaarmaking tijdens de zondagse eredienst is het wenselijk de predikant hiervan op de hoogte te stellen. Dit kan met behulp van het hiervoor bestemde formulier 'preek gebruiken'. Ter voorbereiding van bijbelstudie(bijeenkomsten) is geen toestemming nodig.
 

Agenda
Boeken
Bijbel
kerk
Levensvragen
Links
Muziek
Nieuws
Overdenkingen
Preken


Kruis | Copyright 2003-2020 Kerken.com | deze pagina toevoegen aan favorieten | Contact | Disclaimer | A A A | Tell A Friend! | Kruis

 
tumblr site counter