Home Inloggen Winkel Contact
 
Zoekbox
     
 
Zoekbox
Topmenu
Topmenu Home Topmenu Winkel Topmenu Links Topmenu Preken Topmenu Kerken Topmenu Overdenkingen Topmenu Agenda Topmenu Contact Topmenu
Topmenu

Entree Afdelingen 1. Algemeen 2. Kennis Bassin 3. Kinderen 4. Meeting People 5. Muziek 6. Pastoraat 7. Winkel Bron toevoegen Beheer Informatie Diversen
Aangepast zoeken
 
Kerken.com \ Afdelingen \ Bijbel

Zoeken in Bijbel online

Hartelijk welkom op onze Bijbel afdeling. U kunt hier u favoriete bijbeltekst vinden door middel van een zoekopdracht of door het doorbladeren van de Bijbel. Ook kunt u uw onderwerp opzoeken in de Heidelbergse Catechismus.

  Bijbel:  
Bijbelboek:   Hoofdstuk:   


Zoekresultaat

1 Korinthiërs

Hoofdstuk 12 (31 teksten gevonden)


1.  En van de geestelijke gaven, broeders, wil ik niet, dat gij onwetende zijt.
2.  Gij weet, dat gij heidenen waart, tot de stomme afgoden heengetrokken, naar dat gij geleid werdt.
3.  Daarom maak ik u bekend, dat niemand, die door den Geest Gods spreekt, Jezus een vervloeking noemt: en niemand kan zeggen, Jezus den Heere te zijn, dan doorden Heiligen Geest.
4.  En er is verscheidenheid der gaven, doch het is dezelfde Geest:
5.  En er is verscheidenheid der bedieningen, en het is dezelfde Heere:
6.  En er is verscheidenheid der werkingen, doch het is dezelfde God, Die alles in allen werkt.
7.  Maar aan een iegelijk wordt de openbaring des Geestes gegeven tot hetgeen oorbaar is.
8.  Want dezen wordt door den Geest gegeven het woord der wijsheid, en een ander het woord der kennis, door denzelfden Geest:
9.  En een ander het geloof, door denzelfden Geest: en een ander de gaven der gezondmakingen, door denzelfden Geest.
10.  En een ander de werkingen der krachten: en een ander profetie: en een ander onderscheidingen der geesten: en een ander menigerlei talen: en een ander uitleggingder talen.
11.  Doch deze dingen alle werkt een en dezelfde Geest, delende aan een iegelijk in het bijzonder, gelijkerwijs Hij wil.
12.  Want gelijk het lichaam een is, en vele leden heeft, en al de leden van dit ene lichaam, vele zijnde, maar een lichaam zijn, alzo ook Christus.
13.  Want ook wij allen zijn door een Geest tot een lichaam gedoopt: hetzij Joden, hetzij Grieken, hetzij dienstknechten, hetzij vrijen: en wij zijn allen tot een Geestgedrenkt.
14.  Want ook het lichaam is niet een lid, maar vele leden.
15.  Indien de voet zeide: Dewijl ik de hand niet ben, zo ben ik van het lichaam niet: is hij daarom niet van het lichaam?
16.  En indien het oor zeide: Dewijl ik het oog niet ben, zo ben ik van het lichaam niet: is het daarom niet van het lichaam?
17.  Ware het gehele lichaam het oog, waar zou het gehoor zijn? Ware het gehele lichaam gehoor, waar zou de reuk zijn?
18.  Maar nu heeft God de leden gezet, een iegelijk van dezelve in het lichaam, gelijk Hij gewild heeft.
19.  Waren zij alle maar een lid, waar zou het lichaam zijn?
20.  Maar nu zijn er wel vele leden, doch maar een lichaam.
21.  En het oog kan niet zeggen tot de hand: Ik heb u niet van node: of wederom het hoofd tot de voeten: Ik heb u niet van node.
22.  Ja veeleer, de leden, die ons dunken de zwakste des lichaams te zijn, die zijn nodig.
23.  En die ons dunken de minst eerlijke leden des lichaams te zijn, denzelven doen wij overvloediger eer aan: en onze onsierlijke leden hebben overvloediger versiering.
24.  Doch onze sierlijke hebben het niet van node: maar God heeft het lichaam alzo samengevoegd, gevende overvloediger eer aan hetgeen gebrek aan dezelve heeft:
25.  Opdat geen tweedracht in het lichaam zij, maar de leden voor elkander gelijke zorg zouden dragen.
26.  En hetzij dat een lid lijdt, zo lijden al de leden mede: hetzij dat een lid verheerlijkt wordt, zo verblijden zich al de leden mede.
27.  En gijlieden zijt het lichaam van Christus, en leden in het bijzonder.
28.  En God heeft er sommigen in de Gemeente gesteld, ten eerste apostelen, ten tweede profeten, ten derde leraars, daarna krachten, daarna gaven dergezondmakingen, behulpsels, regeringen, menigerlei talen.
29.  Zijn zij allen apostelen? Zijn zij allen profeten? Zijn zij allen leraars? Zijn zij allen krachten?
30.  Hebben zij allen gaven der gezondmakingen? Spreken zij allen met menigerlei talen? Zijn zij allen uitleggers?
31.  Doch ijvert naar de beste gaven: en ik wijs u een weg, die nog uitnemender is.


[vorige hoofdstuk] - [volgende hoofdstuk]

 

Agenda
Boeken
Bijbel
kerk
Levensvragen
Links
Muziek
Nieuws
Overdenkingen
Preken


Kruis | Copyright 2003-2019 Kerken.com | deze pagina toevoegen aan favorieten | Contact | Disclaimer | A A A | Tell A Friend! | Kruis

 
tumblr site counter