Home Inloggen Winkel Contact
 
Zoekbox
     
 
Zoekbox
Topmenu
Topmenu Home Topmenu Winkel Topmenu Links Topmenu Preken Topmenu Kerken Topmenu Overdenkingen Topmenu Agenda Topmenu Contact Topmenu
Topmenu

Entree Afdelingen 1. Algemeen 2. Kennis Bassin 3. Kinderen 4. Meeting People 5. Muziek 6. Pastoraat 7. Winkel Bron toevoegen Beheer Informatie Diversen
Aangepast zoeken
 
Kerken.com \ Afdelingen \ Bijbel

Zoeken in Bijbel online

Hartelijk welkom op onze Bijbel afdeling. U kunt hier u favoriete bijbeltekst vinden door middel van een zoekopdracht of door het doorbladeren van de Bijbel. Ook kunt u uw onderwerp opzoeken in de Heidelbergse Catechismus.

  Bijbel:  
Bijbelboek:   Hoofdstuk:   


Zoekresultaat

Micha

Hoofdstuk 1 (15 teksten gevonden)


1.  Het woord des HEEREN, dat geschied is tot Micha, den Morastiet, in de dagen van Jotham, Achaz en Jehizkia, koningen van Juda: dat hij gezien heeft over Samaria enJeruzalem.
2.  Hoort, gij volken altemaal! merk op, gij aarde, mitsgaders derzelver volheid! de Heere HEERE nu zal tot een getuige zijn tegen ulieden, de Heere uit den tempel Zijner heiligheid.
3.  Want ziet, de HEERE gaat uit van Zijn plaats, en Hij zal nederdalen en treden op de hoogten der aarde.
4.  En de bergen zullen onder Hem versmelten, en de dalen gekloofd worden, gelijk was voor het vuur, gelijk wateren, die uitgestort worden in de laagte.
5.  Dit alles, om de overtreding van Jakob, en om de zonden van het huis Israels: wie is het begin van de overtreding van Jakob? Is het niet Samaria? En wie van de hoogten vanJuda? Is het niet Jeruzalem?
6.  Daarom zal Ik Samaria stellen tot een steenhoop des velds, tot plantingen eens wijngaards: en Ik zal haar stenen in de vallei storten, en haar fundamenten ontdekken.
7.  En al haar gesneden beelden zullen vermorzeld worden, en al haar hoerenbeloningen zullen met vuur verbrand worden, en al haar afgoden zal Ik stellen tot een woestheid: wantzij heeft ze van hoerenloon vergaderd, en zij zullen tot hoerenloon wederkeren.
8.  Hierom zal ik misbaar bedrijven en huilen: ik zal beroofd en naakt gaan: ik zal misbaar maken als de draken, en treuren als de jonge struisen.
9.  Want haar plagen zijn dodelijk: want zij zijn gekomen tot aan Juda: hij is geraakt tot aan de poort mijns volks, tot aan Jeruzalem.
10.  Verkondigt het niet te Gath, weent zo jammerlijk niet: wentelt u in het stof in het huis van Afra.
11.  Ga door, gij inwoneres van Safir! met blote schaamte: de inwoneres van Zaanan gaat niet uit: rouwklage is te Beth-haezel: hij zal zijn stand van ulieden nemen.
12.  Want de inwoneres van Maroth is krank om des goeds wil: want een kwaad is van den HEERE afgedaald, tot aan de poort van Jeruzalem.
13.  Span de snelle dieren aan den wagen, gij inwoners van Lachis! (deze is der dochter Sions het beginsel der zonde) want in u zijn Israels overtredingen gevonden.
14.  Daarom geef geschenken aan Morescheth-Gaths: de huizen van Achzib zullen den koningen van Israel tot een leugen zijn.
15.  Ik zal u nog een erfgenaam toebrengen, gij inwoneres van Maresa! Hij zal komen tot aan Adullam, tot aan de heerlijkheid Israels.


[vorige hoofdstuk] - [volgende hoofdstuk]

 

Agenda
Boeken
Bijbel
kerk
Levensvragen
Links
Muziek
Nieuws
Overdenkingen
Preken


Kruis | Copyright 2003-2019 Kerken.com | deze pagina toevoegen aan favorieten | Contact | Disclaimer | A A A | Tell A Friend! | Kruis

 
tumblr site counter